bordenmeisje


Het Bordenmeisje...

...met schitterende partijen van Hollandse Meesters! Aflevering 11

Door Gerard de Winter, toegevoegd op 12-7-2015


Nu krijg ik bij het lezen van de kopregel weer een ondeugende gedachte. Die ingevingen schijn je nog meer te krijgen als je de 60 gepasseerd bent?! Maar dit terzijde. Hollandse meesters wordt Hollandse meesteres, eventjes dan. Vandaar die ondeugende gedachte. Ik wil en ga Lisa Schut natuurlijk niet gelijk stellen met ons reguliere bordenmeisje, met alle respect voor 'Bees' verantwoordelijke taak en inzet. Nu zeg ik dit wel maar misschien is ons bordenmeisje wel kampioen van Bolivia of Honduras?! Who knows?

Anyway, Lisa zou zeker niet misstaan bij het 'explicatiebord', want ze is eveneens een zeer knappe verschijning (!), maar ik zie haar dan toch ook mede als analyticus, dus een presentatrice bij het uitleggen van haar schaakpartij, of bij partijen van anderen. Wat ik tevens wil zeggen is dat je in het bijzonder met 'alle' vrouwen liefdevol en respectvol moet omgaan. En soms, als je geluk heb is de &eacuute;én te schaken en blijkt het 'verdorie' dat ze ook nog heel goed kàn schaken!! Zo goed zelfs, dat zet wel een kampioen lijkt?!

Lisa Schut werd in 2013 tot verbazing van iedereen die iets met schaken doet, voornamelijk journalisten, maar ook haarzelf, kampioen van Nederland. Te lezen in onderstaand interview met Marieke van der Voort. En wat de kopregel betreft zou ik dat als intro eventjes kunnen wijzigen met ...het andere meisje aan het bord, met twee mooie partijen van deze 'schone' Europese/Aziatische meesteres!

Lisa Schut

Menig man schaakmat: Lisa Schut, Nederlands kampioen schaken 2013

Door Marieke van der Voort

Hoe is je liefde voor schaken begonnen?
Via mijn ouders. Toen mijn zus en ik klein waren, gaven ze schaaktrainingen in Brabant. We waren erg nieuwsgierig en besloten het ook te leren. In het begin vond ik schaken vooral leuk omdat we het met de hele familie deden. Het had eigenlijk net zo goed bowlen of tennis kunnen zijn. Langzaam maar zeker begon ik het echter steeds interessanter te vinden.

Had je verwacht dat je Nederlands kampioen zou worden?
Nee, het was een totale verrassing. Ik had nog nooit eerder aan het Nederlands kampioenschap meegedaan en behoorde ook niet tot de favorieten. Ik hoopte alleen een paar wedstrijden te winnen. Misschien was het voor mij ook wel goed dat de lat niet zo hoog lag. Ik voelde geen druk, ging elke avond lekker uit eten en kon onbevangen spelen.

Komende maandag begint het Europees kampioenschap in Belgrado, waar je als enige Nederlandse aan meedoet. Ga je daar ook hoge ogen gooien?
Het niveau ligt wel een stuk hoger dan bij het NK, maar met een beetje geluk moet ik kunnen verrassen. Een plek bij de eerste veertien zou mooi zijn. Dan mag ik namelijk ook aan het wereldkampioenschap meedoen, wat me fantastisch lijkt. Deelname aan het WK is mijn korte termijn doel, over een aantal jaar hoop ik ook echt wereldkampioen te kunnen worden.

Lisa Schut

Lisa Schut: 'soms is het weleens eenzaam tussen al die mannen...'

Hoe is het om je als jonge vrouw in de schaakwereld te begeven?
Best apart. Het is echt een mannenbolwerk. Van de honderd mensen die schaken, zijn er 99 man. Er zijn aparte NK's, EK's en WK's voor vrouwen, maar verder speel je heel vaak tegen mannen. Soms kijken ze vreemd op als ze ineens tegen een vrouw moeten spelen. Sommigen willen per se winnen en worden heel boos als ze verliezen. Ik ben ook weleens uitgescholden nadat mijn tegenstander had verloren. Verder merk ik dat er nog regelmatig mannen zijn die het idee hebben dat vrouwen niet kunnen schaken.

Dat lijkt me frustrerend...
Het went. Maar het is soms wel eenzaam als vrouw in de schaakwereld. Wat dat betreft vind ik het jammer dat mijn zus Donna op haar zestiende is gestopt met schaken. Het is toch leuker om samen met haar naar toernooien te gaan en ervaringen te kunnen delen.

Misschien kun jij als Nederlands kampioen meer vrouwen enthousiasmeren...
Wellicht. Ik heb na mijn titel vorige week in elk geval al veel nieuwe uitnodigingen voor toernooien gekregen. Het lijkt me best leuk om schaken onder vrouwen te promoten.

Wat zou je tegen vrouwen willen zeggen?
Dat het absoluut geen saaie sport is. Elke partij is anders en het is echt een uitdaging om jezelf continu te verbeteren. Daarnaast is het fantastisch om door het schaken z&oactue; veel te kunnen reizen. Ik ben onder meer in Vietnam, Servië, Siberië en Italië geweest. Ik vind het heerlijk om met veel verschillende culturen in aanraking te komen.

Wit: Lisa Schut 
Zwart: Zhaoqing Peng 
Wit: Olga Hincu 
Zwart: Lisa Schut 

*

Gennadi (Genna) Borisovitsj Sosonko

Geboren in Troitsk (Siberië) op 18 mei 1943.

Genna Sosonko

Genna Sosonko: 'n Hollandse grootmeester geboren in Siberië

Tussen de bekende namen bij de Nederlandse snelschaak- en rapidtoernooien verscheen in 1972 opeens die van een immigrant. Niemand had ooit van hem gehoord, maar de nieuweling won de toernooitjes allemaal. Zes jaar later was Genna Sosonko een wereldtopper. Hij studeerde economische geografie in Leningrad.

Eenmaal nam hij deel aan het Russische kampioenschap, toen dat in 1967 eenmalig een open toernooi met 126 deelnemers was. Sosonko behaalde met een 27e plaats een goed resultaat. Na dat toernooi vroeg Michael Tal hem als secondant en een paar jaar later Viktor Kortchnoi. Toen hij in 1972 via Israël naar Nederland emigreerde, kende niemand hem hier.

Al in 1973 werd Sosonko Nederlands kampioen, na een beslissingsdriekamp met Coen Zuidema en Bert Enklaar. Afwezig waren Hein Donner, Hans Ree en Jan Timman, waarna de 'Amsterdamse vierkamp' werd georganiseerd om een en ander recht te zetten. Donner en Ree scoorden 6½ punten, Timman en Sosonko 5½. Vanaf dat moment telde de nieuweling definitief mee in de Nederlandse top. In 1978 werd hij opnieuw kampioen, nu samen met Timman, voor Donner en Ree. In totaal nam Sosonko twaalf maal aan het NK deel en werd naast zijn twee titels drie keer tweede. Van 1974 tot en met 1996 speelde hij alle elf Olympiades waar Nederland aan deelnam. Dat is evenveel als Donner, alleen Timman (13x) en Prins (12x) speelden er meer. Met 62½ procent scoorde hij goed, in 1976 behaalde Sosonko een gouden medaille op het tweede bord.

Een jonge Sosonko

Sosonko tijdens het IBM toernooi 1979 te Amsterdam

Sosonko werd in 1974 meester en in 1976 grootmeester. Zijn belangrijkste toernooioverwinningen waren de Hoogovenstoernooien van 1977, samen met Geller, voor Timman, en 1981 met Timman, voor Taimanov, Browne en Andersson. Minstens zo goed waren zijn derde plaatsen in de sterker bezette toernooien in Amsterdam (IBM) 1980 en Tilburg (Interpolis) 1982, beide keren achter wereldkampioen Karpov en Timman, die in die tijd even de nummer twee van de wereld was.

Tussen de wereldtop in Tilburg behaalde hij in 1980 en 1984 vierde plaatsen. In 1978 stond hij negentiende op de wereldranglijst, in 1981 en 1983 zestiende, in 1989 verliet hij de tophonderd. Van 1977 tot 1984 behoorde Sosonko tot de sterkste twintig schakers ter wereld. Ook in die tijd was dat al een opmerkelijke prestatie voor iemand die pas op zijn 33e grootmeester werd.

Sosonko was een degelijke speler die op zijn eigen niveau veel remises speelde. Hij gold als een van de grootste kenners van het Catalaans, dat hij met wit speelde, maar vreemd genoeg ook van de scherpe Drakenvariant van het Siciliaans, die hij met zwart speelde. In 1975 zei hij daarover tegen Max Pam: "Tactiek is mijn sterkste punt en daarom moet ik mijzelf af en toe dwingen scherpe stellingen te spelen."

Na zijn periode als wedstrijdschaker ging Sosonko werken voor uitgeverij New in Chess, met name voor de jaarboeken over openingstheorie. Bij die uitgeverij verschenen ook drie boeken met verhalen van zijn hand, vooral over Russische schakers van weleer. Vanwege zijn grote autoriteit in Nederland werd hij ook regelmatig gevraagd als captain bij landentoernooien.

In 2007 ontving Genna Sosonko de Max Euwe Ring voor zijn verdiensten voor het Nederlandse schaken.

(Bovenstaand intro over Sosonko is geschreven door Johan Hut)
Wit: Erik van den Doel 
Zwart: Genna Sosonko 
Wit: Genna Sosonko 
Zwart: Hans Ree 
Wit: Genna Sosonko 
Zwart: Ivan Sokolov 

Mooie gevechten, gespeeld in het Nederlands kampioenschap zo door de jaren heen.

Wit: Friso Nijboer 
Zwart: John van der Wiel 
Wit: Paul van der Sterren 
Zwart: Jeroen Piket 

Jeroen Piket

Jeroen Piket, Wijk aan Zee 1988.

Nu een briljant potje gespeeld in het NK 1998 te Rotterdam. De acteurs zijn Jeroen Piket (wit) en Pedrag Nikolic.

Wit: Jeroen Piket 
Zwart: Pedrag Nikolic 
Wit: Deep Junior 6 
Zwart: Jeroen Piket 

Kramnik - Deep Fritz

Het affiche (in 2006) van de match Kramnik - Deep Fritz, uitslag 2-4.

Bij een aantal toernooien in die tijd (rond de eeuwwisseling) speelde er een computer mee. Zo ook in het toernooi van Dortmund 2000. De eindstand was: 1. Kramnik, Anand 6 pnt.; 3. Adams, Leko, Akopian 5; 6. Deep Junior 4½; 7. Khalifman, Bareev 4; 9. Piket 3½; 10. Hübner 2.

Na het toernooi werd Jeroen Piket geïnterviewd. Het ging voornamelijk over het meespelen van Deep Junior. De laatste vraag ging als volgt: Denk je dat de computers ooit veel sterker zullen zijn dan de sterkste mensen? Piket: "De ontwikkelingen in de computerwereld gaan zo razend snel, je kunt het nauwelijks nog bijhouden. Ik denk dat de mens kan verliezen, puur op rekenkracht en snelheid van de computer, maar qua schaakinzicht zal de computer nooit beter zijn dan de mens."
Welnu, we weten inmiddels, 15 jaar verder, wel beter. Zelfs de computers op je mobiele telefoon (of je horologe!) zijn niet meer te verslaan! Het meedoen van de computers in toernooien was dus maar van zeer tijdelijke aard.




Schaken heeft een belangrijke invloed gehad op de ontwikkeling van computers door de eeuwen heen.

De Schakende Turk

De Turk of de Mechanische Turk is de naam van een "schakende machine" die de Hongaarse edelman en uitvinder Wolfgang von Kempelen in 1770 maakte op verzoek van Maria Theresia. In werkelijkheid zat er een kleine, sterke schaker in. De werking van deze machine, eigenlijk dus een goocheltruc, was jarenlang een mysterie, alhoewel het vermoeden bestond dat het nep was.
Het gevaarte was echter dermate beroemd dat lange tournees naar diverse Europese staten volgden. Tussen 1770 en 1825 reisde de Turk door Europa. In 1826 kwam het zelfs tot een tournee door de Verenigde Staten van Amerika, de machine was inmiddels in het bezit van Johann Maelzel. Maelzel stierf in 1838; in 1854 ging de automaat door een brand verloren.

De Turk

De automaat was een kast met een schaaktafel erop, waarop een als Turk uitziende pop zat die de zetten uitvoerde. Na wat dubieus vertoon van kaarslicht en open deurtjes met ingewikkelde raderwerken erachter had de toeschouwer de indruk dat de ruimte onder de tafel leeg was. Het geheim van de machine bleef lang verborgen maar uiteindelijk kwam toch aan het licht dat Von Kempelen kans had gezien een schaker in het apparaat te verstoppen; zo heeft Johan Baptist Allgaier er meermalen ingezeten. Toch was het een knappe vinding, want Von Kampelen had een ingewikkeld mechaniek bedacht waardoor de speler binnenin op een klein bordje toch de stukken op het bord kon zien, evenals een mechanisch besturingssysteem voor de arm van de Turk die de stukken verzette.

De Turk

Napoleon heeft tegen de Turk gespeeld op het slot Schönbrunn (Wenen) in 1809. Huidige schaakhistorici denken echter dat de partij die nu volgt, later erbij bedacht is.

Wit: Napoleon Bonaparte 
Zwart: Nepcomputer de Turk 

Napoleon

Napoleon Bonaparte (Ajaccio, 15 augustus 1769 - Longwood, 5 mei 1821)

Een heel jonge Jan Smeets tegen een heel jonge Jan Werle. 2 jongen honden. Samen met Daniel Stellwagen toentertijd grootmeesters in spé. In een vlijmscherp duel trekt Smeets hier aan het langste eind, maar het net zo goed andersom kunnen zijn. De hele partij is instructief en levendig, een zaligheid om na te spelen. Het slot is werkelijk om van te smullen. Aantekeningen zijn van de winnaar.

Wit: Jan Smeets 
Zwart: Jan Werle 

Twee Nederlandse toppers bestrijden elkaar in de volgende partij op het scherpst van de snede. In de A-groep van het Corus-toernooi 2002. Timman maakt hier gebruik van een vondst in de Benoni-opening van (nu in 2015) ruim 33 jaar geleden. Van Wely toont zich niet op de hoogte, wellicht enigszins te begrijpen omdat die vondst in een partij plaatsvond in de tijd dat Van Wely de schaakregels net had geleerd.

Wit: Loek van Wely 
Zwart: Jan Timman 

Het Agency Masters Chesstournament te Londen wordt een prooi voor een jonge Nederlander. Erik van den Doel behaald zijn 2e grootmeesterresultaat met een uitmuntende score van 7½ uit 9. Drie remises en 6 overwinningen is zijn deel, waaronder de winst tegen de Schot MacNab.

MacNab

De Schotse grootmeester Colin MacNab

Wit: Colin MacNab 
Zwart: Erik van den Doel 

Voor de afwisseling een partij die in remise is geëindigd. Ook een partij met voor beide spelers een optimale openingsvoorbereiding. Uit het Corus toernooi te Wijk aan Zee 2000 tussen Jeroen Piket en Garry Kasparov.

Wit: Jeroen Piket 
Zwart: Garry Kasparov 

Lodewijk Prins

De Nederlandse GM Lodewijk Prins (1913-1999)

Wit: Garry Kasparov 
Zwart: Loek van Wely 

Hier een tamelijk onderhoudend potje, vol fouten, uit het Hoogovenstoernooi B 1998 tussen de na 10 ronden nummer 1 Rustam Kasimzdhanov (9 punten!) en nummer 2 onze landgenoot Dimitri Reinderman (8 punten). Deze twee spelers waren veruit de beste in de groep en eindigen met maar liefst 3 punten voorsprong op de gedeelde nummers 3. Bij winst wordt Reinderman gedeeld eerste, maar de nummer 1 op weerstandspunten en promoveert onze landgenoot, die hieronder ook het commentaar verzorgd, het volgend jaar naar grootmeestergroep A. Ik ga ook Olaf van der Sloot eens bedanken voor zijn analytische ondersteuning. Ook bij de volgende pot komt hij en zijn vriendje 'Frits' met belangrijke verbeteringen. Toppie!

Dimitri Reinderman

GM Dimitri Reinderman, de Nederlands kampioen van 2013

Wit: Rustam Kasimdzhanov 
Zwart: Dimitri Reinderman 

Zsuzsa (Susan) Polgár.

Uit de hoofdklasse van de match Volmac-HSG (1991) de ontmoeting tussen John van de Wiel en Zsuzsa Polgár. Zsuzsa, sinds dat ze in de Venigde Staten woont heet ze Suzan, is de oudste van de Polgarzusjes. De anderen zijn Sofia en Judit. De zusters werden op ongewone wijze opgevoed: ze gingen niet naar school, maar werden door hun ouders onderwezen. Moeder Polgar gaf daarbij het algemene onderwijs en vader het schaakonderricht. Het ouderpaar wilde daarmee bewijzen dat het mogelijk is genieën te kweken.

Susan Polgar

Zsuzsa (Susan) Polgár

Susan Polgar speelde vanaf jonge leeftijd in algemene toernooien en was daarin redelijk succesvol. Ze was de eerste vrouw die grootmeester werd door normen te scoren. Haar grootste successen heeft ze behaald in het vrouwenschaak. In 1992 won ze met overmacht het kandidatentoernooi, maar de daarop volgende kandidatenmatch met Nana Ioseliani kon ze niet winnen (4-4) en verloor ze door loting. In 1994 won ze wederom het kandidatentoernooi en daarna ook de kandidatenmatch van Maia Chiburdanidze met 5½-1½. In 1996 versloeg ze Xie Jun met 8½-4½ en werd daarmee wereldkampioen bij de vrouwen. Rond 1998 had ze haar titel moeten verdedigen tegen Xie Jun. Het duurde nogal lang voor de kandidatuur van Xie Jun vaststond en in de tussentijd was Polgar moeder geworden. Ze vroeg daarom aan de FIDE uitstel van de match, maar kreeg dat niet en werd van haar titel vervallen verklaard.

Logo Polgar Foundation

De laatste jaren is ze niet erg actief meer in het wedstrijdschaak en richt zich meer op promotionele activiteiten. In de 36e Schaakolympiade in Calvia 2004 speelde ze wel, ze scoorde 10½ uit 14.
In 2003 was ze "Grandmaster of the Year" in de Verenigde Staten. Daar stichtte ze de Susan Polgar Foundation die bedoeld is als steun voor schakende vrouwen en voor de schakende jeugd.
In 2006 publiceerde ze samen met Paul Truong het boek Chess Tactics for Champions: A step-by-step guide to using tactics and combinations the Polgar way.

Wit: John van der Wiel 
Zwart: Susan Polgar 

Hier volgt een partij (opening: Wolgagambiet) van Suzan Polgar tegen Emil Ivanov (Varna 1981):

Wit: Susan Polgar 
Zwart: Emil Ivanov 

Varna

De badplaats Varna aan de Bulgaarse Zwarte Zee

Een vlot winstpotje van Jeroen Piket in het Weekend-toernooi te Veenendaal (1998).

Wit: Jeroen Piket 
Zwart: Guust Homs 

Nou, vooruit maar. Nog kort potje - 23 zetjes - van Piket. Met aantekeningen van Theo Hommeles. Lautier, de Franse grootmeester die in zijn jonge jaren verkondigde wereldkampioen te gaan worden, wordt meedogenloos van het bord geveegd door de grootmeester uit Leiderdorp, nu al weer een jaar of 10 gestopt met schaken en woonachtig in Monaco.

Wit: Jeroen Piket 
Zwart: Joel Lautier 

Vlastimil Hort (Kladno, 12 januari 1944) is een Tsjechisch-Duitse schaker.
In 1965 werd hij grootmeester. Hij was vijfmaal kampioen van Tsjechoslowakije en in Reggio Emilia eindigde hij voor Boris Spasski en Vasili Smyslov. Vlastimil Hort woont sinds 1979 in Duitsland en verkreeg in 1986 het Duitse staatsburgerschap. Sindsdien komt hij voor dat land uit.

De Hortvariant in de schaakopening Engels is door hem geanalyseerd, de zetten zijn: 1.c4 e5 2.Pc3 Pc6 3.g3 g6 4.Lg2 Lg7 5.e3 d6 6.Pge2 Le6. Hierin zijn wereldwijd 453 partijen gespeeld; (wit wint 180 - zwart wint 160 - remise 113).

Vlastimil Hort

Vlastimil Hort, hier in het Hoogovenstoernooi in 1973

De partij Hort - Alburt gespeeld in 1977 in Decinn in Tjechië. Het schitterende plaatsje is gelegen aan de Tjechisch-Duitse grens aan de Elbe en niet ver van Dresden. De schaakopening Ben-Oni met als zijvariant het Wolgagambiet (of Benkogambiet - Fianchetto Variation), werd door de Nederlandse journalist Lex Jongsma gekscherend het "Wolgalied van Hort" genoemd.

Wit: Vlastimil Hort 
Zwart: Alburt Lev 

Kasteel Decin: In de 13e eeuw werd de oorspronkelijke houten vesting omgebouwd tot een stenen kasteel. In de 16e eeuw werd het door de familie Von Bünau verbouwd tot een renaissanceslot. Na het einde van de Tweede Wereldoorlog werd het kasteel gebruikt door het Sovjetleger. Na het vertrek van de Russen in 1991 werd het kasteel gerenoveerd en tegenwoordig is een deel ervan open voor publiek. Naast het kasteel ligt de zogenaamde rozentuin (Ruzova Zahrada), die in 1670 is aangelegd. De rozentuin wordt in de zomer gebruikt voor concerten.

Decin Castle

Decin Castle

1997. Het Staunton gambiettoernooi in Groningen. Of het wordt ook wel het Göring-gambiet genoemd. Albert Blees weet er wel raad mee. Hij wordt winnaar van het toernooi en weet als enige een zwartpartij remise te houden. Haal uw openingskennis, betreft dit gambiet, weer een beetje op.

Wit: Albert Blees 
Zwart: Erik Hoeksema 
Wit: Albert Blees 
Zwart: Jeroen Bosch 

Sergej Nikolajevitsj Tiviakov is geboren in Krasnodar op 14 februari 1973. Hij is een grootmeester van Russische afkomst.

Van 1980 tot 1984 leerde hij schaken op de schaakschool van Vasili Smyslov. In 1989 werd hij wereldkampioen bij de jeugd tot 18 jaar. In 1991 werd hij grootmeester. In 1994 verloor hij in New York van Michael Adams in de kwartfinale van het PCA-kandidatenmatches. In 1995 voltooide hij zijn economiestudie in Krasnodar. In 1997 emigreerde hij naar Nederland en vestigde zich in Groningen. Hij werd genaturaliseerd en won met het Nederlandse team het Europees schaakkampioenschap voor landenteams in 2001 en 2005.

Over heel de wereld veel toernooizeges
Tiviakov speelt en wint veel open toernooien over de hele wereld. Een greep uit zijn toernooi-overwinningen: VAM Hoogeveen 1999, Groningen 1999, Gausdal 2000, Politiken Cup Kopenhagen 2002, Sevilla 2003, Dieren 2004, Vlissingen 2004, ACT Amsterdam 2006, Valle d'Aosta 2006, Vlissingen 2007, Triëst 2007, Politiken Cup 2008, Schaaktoernooi Hoogeveen 2009 en 2011 en Leiden Chess Tournament 2011.

Europees kampioen
In 2008 werd Tiviakov Europees kampioen, als eerste Nederlander. In het Bulgaarse Plovdiv eindigde hij alleen op de eerste plaats, met een score van 8.5 uit 11 partijen.
In december 2012 won hij met Anish Giri, Ivan Sokolov en Jan Smeets in Abu Dhabi het Wereldkampioenschap schaken voor stedenteams namens Hoogeveen (Drenthe); Bakoe (Azerbeidzjan) eindigde als tweede.

Sergei Tiviakov

Sergei Tiviakov

NK
Tiviakov deed voor het eerst mee aan het Nederlands kampioenschap in 2000. Hij eindigde op de 3e/5e plaats. In 2001 werd hij 3e/4e en in 2002 gedeeld 1e, samen met Loek van Wely. Tiviakov verloor de rapid play-off. In 2003 werd hij 2e/3e, in 2004 3e en in 2005 2e/3e. In 2006 en 2007 werd hij Nederlands kampioen. In 2007 was hij samen met Daniel Stellwagen bovenaan geëindigd, en won hij het 'vluggeren' met 1½ - ½.

Lid van verdienste
Tiviakov maakte in 1994 als eerste reserve deel uit van het Russische team dat de Olympiade won. Vanaf 2000 speelt hij voor Nederland, meestal aan het derde bord, en meestal met een score van meer dan 50 procent. Tiviakov is Lid van Verdienste van de KNSB. Bij onderstaamde partij was Tiviakov 19 jaar. Hieronder drie mooie partijen Sergei Tiviakov. De eerste uit een toernooi te Moskou (1989) tegen Anand. De tweede met commentaar van hemzelf tegen Yuri Razuvaev te Rostov na Donu (1993) en de derde uit het 15e Europese team Kampioenschap (2005) te Götenborg tegen Alexey Dreev.

Wit: Viswanathan Anand 
Zwart: Sergei Tiviakov 

Rostov na Donu

Rostov na Donu (Rostov aan de Don), Zuid-Russiche havenstad gelegen aan de rivier de Don.

Wit: Yuri Razuvaev 
Zwart: Sergei Tiviakov 

Sergei Tiviakov

Naast het schaken is Tiviakov een groot kunstliefhebber.

Wit: Sergei Tiviakov 
Zwart: Alexey Dreev 

Tot slot van deze aflevering de leukste partij die GM John van der Wiel ooit speelde. Dat gebeurde in 1983 in het Deense Aarhus. Zijn tegenstander is de Engelse GM Raymond Keene. Van der Wiel: "Ik zondigde tegen alle positionele regels en won tactisch. Het was de laatste ronde, en dankzij deze zege won ik alleen. Tevens kreeg ik er de gedeelde schoonheidsprijs voor."

Raymond Keene

Raymond Keene

Wit: Raymond Keene 
Zwart: John van der Wiel 

schaakkunst

www.schaakkunst.nl